Binnen ons onderwiijs vertellen we in alle groepen meerdere keren per schooljaar een raadsel, het zogenaamde "ding van de dag".
Dit doen we met een reden: voor het oplossen van dit raadsel hebben kinderen soms de hulp van hun ouders nodig; samen gaan ze in gesprek. Op deze manier is het antwoord op de vraag "hoe was het vandaag op school" niet alleen: "goed of leuk"; er valt dan zoveel meer te bespreken en te delen met elkaar.
Grej of the day is bedacht door de Zweedse leerkracht Micael Hermansson. Grej is Zweeds voor ‘ding’. Het is dus het ‘ding van de dag’.
Hermansson, gek op boeken en nerdy feiten, besloot op een dag om zijn leerlingen te trakteren op een korte les over zomaar iets interessants. Maar eerst schreef hij een raadsel op het bord: Waarom eten de ijsberen de pinguïns niet op? Er gebeurde iets verrassends. Zijn doorgaans erg drukke klas viel ineens stil. De kinderen lazen het raadsel. En toen gingen ze met elkaar overleggen.
De volgende dag gaf hij een les over de Zuidpool. Hij vertelde over de race tussen Amundsen en Scott die allebei als eerste het uiterst zuidelijke puntje wilden bereiken. Amundsen won. Onder meer omdat hij zijn sledes door honden liet trekken. Scott gebruikte pony’s, en die overleefden de kou niet.
De les was zo’n groot succes dat hij besloot om elke dag zoiets te doen. En snel had hij een recept te pakken waarvan hij pas jaren later begreep waarom het zo goed werkt. Hij had namelijk zonder dat hij het wist een paar ijzersterke ingrediënten gebruikt.
Een raadsel
Het raadsel, dat een leerkracht een dag van tevoren meegeeft, is een soort cliffhanger. Het blijft aan de kinderen knagen, het zet de hersenen aan. En daardoor komen de kinderen nieuwsgierig op school: wat gaan we vandaag leren? Het raadsel houdt niet alleen de kinderen bezig maar ook hun ouders.
De korte les
De les die volgt duurt acht tot tien minuten, kort genoeg om vrijwel alle kinderen erbij te houden. Voor zo’n korte les wordt er ingezoomd op een klein onderwerp. Klein genoeg om in acht minuten iets gaafs over te vertellen. Na afloop beantwoordt de leerkracht ook niet eindeloos vragen. De les wordt afgesloten met een cliffhanger: daar hebben we het een andere keer nog wel over, of ga er thuis eens naar op zoek.
De les werkt toe naar wow! feitjes. Wat is echt gaaf aan het onderwerp?
De leerkracht presenteert feiten waarvan de kans groot is dat de leerlingen die echt WOW vinden. ‘Dus de opstandelingen verklaarden gewoon dat de koning niet meer over hen mag regeren!’
Navertellen
Aan het eind vraagt de leerkracht: wat ga jij thuis vertellen? Uit onderzoek blijkt dat je de informatie die wordt naverteld veel beter onthoudt.
Verbanden leggen
Bij de methode hoort een wereldkaart en een tijdbalk. Na elke les hangt de leerkracht een plaatje van het onderwerp van die les naast de kaart op de muur, en wordt er een touwtje getrokken naar de plek waar het onderwerp zich afspeelt. Zo zien de leerlingen wat voor bijzondere kennis ze al hebben geleerd. Hetzelfde kan gedaan worden met de tijdbalk.
Door die presentatie, in de klas of op de gang, gaan de leerlingen na een tijdje verbanden zien. De Olympische Spelen van Berlijn in 1936 hebben een link met de Berlijnse Muur, en natuurlijk ook met Hitler én met de Olympische Spelen in de oudheid. Of: een rups verandert in een vlinder, mensen veranderen niet zo veel maar krijgen wel een nieuw gebit.
Vertellen en luisteren
Een grej is een verhaal dat de leerkracht vertelt. In de bijbehorende diapresentaties laten leerkrachten beelden zien die het verhaal ondersteunen. Er staat zo min mogelijk tekst in, hooguit een paar steekwoorden voor het houvast. Al deze ingrediënten zaten in die eerste grej. En Micael Hermansson zag, voor het eerst in zijn carrière, nieuwsgierigheid en plezier bij al zijn leerlingen. Hermansson ging er tien jaar mee door en werd daarna een veelgevraagd spreker over presenteren. Hij is regelmatig ook in Nederland te zien.